Een van de meest veelbesproken momenten van dit jaar was zonder meer het grote kunstwerk van Dries Verhoeven op de Neude. De fictieve bouwplaats zorg

Het jaar van Dries Verhoeven: de maker van het veelbesproken kunstwerk op de Neude

Het jaar van Dries Verhoeven: de maker van het veelbesproken kunstwerk op de Neude

Het jaar van Dries Verhoeven: de maker van het veelbesproken kunstwerk op de Neude

Het jaar van Dries Verhoeven: de maker van het veelbesproken kunstwerk op de Neude

Het jaar van Dries Verhoeven: de maker van het veelbesproken kunstwerk op de Neude
Het jaar van Dries Verhoeven: de maker van het veelbesproken kunstwerk op de Neude
  • 2019-02-01 10:25:19 7 maanden geleden
  • keer bekeken 4,415
0
gedeelde

Een van de meest veelbesproken momenten van dit jaar was zonder meer het grote kunstwerk van Dries Verhoeven op de Neude. De fictieve bouwplaats zorgde voor veel reacties – positief en negatief. Het werd vooral een gespreksonderwerp over kunst en eigendom van de openbare ruimte. Niet veel later volgde een Code Radicaliteit van Verhoeven, een pleidooi voor ongevraagde kunst, waarin hij vragen stelt over het kunstlandschap in de stad. Hoe kijkt hij terug op het jaar? En wat wil hij bereiken met zijn kunst?

De Utrechtse theatermaker en kunstenaar Dries Verhoeven maakt wel vaker kunst die veel reacties oproept. Zo was hij in 2015 nog in het nieuws met zijn installatie Wanna Play op de Neude. Hij sloot zich tien dagen lang op in een glazen huis en met dating apps als Tinder en Grindr probeerde hij mensen het glazen huis in te lokken om zijn niet seksuele-behoeften te vervullen.

Hij had het in 2018 weer voor elkaar. Zijn kunstwerk op de Neude was zo mogelijk zelfs nog nadrukkelijker in het nieuws. Zijn fictieve bouwplaats genaamd Sic transit gloria mundi moest bezoekers het idee geven dat er een groot monument werd gebouwd voor het einde van de westerse hegemonie met een van zijn sokkel gevallen witte man. Als de bezoeker iets langer keek dan viel op dat de bouwvakkers, die acteurs waren, niet iets bouwden maar steeds dezelfde handelingen uitvoerden.

Hoe kijk je terug op het jaar 2018?

“Met heel veel plezier en trots. Het werk op de Neude was het belangrijkste wat we dit jaar met de studio hebben gerealiseerd. Ik was nogal dankbaar dat het mogelijk was om dit in Utrecht te realiseren en het maakte inhoudelijk nogal wat los bij de Utrechters. Het resultaat stond dicht bij de eerste schetsen, dan is een werk geslaagd voor me.”

Het kunstproject was voordat het af was al onderwerp van gesprek. Ondernemers reageerden boos op de fictieve bouwplaats tijdens de opbouw, omdat ze hun terrassen moesten sluiten en klanten tegen houten spaanplaten aankeken.

“Ik heb niet de ambitie om te vermaken. Ik hoef mensen in de publieke ruimte niet te bevestigen in hun smaak. Maar wie kaatst kan de bal verwachten. Ik begrijp dat een horecaondernemer graag wil ondernemen, en in die week heeft hij minder biertjes kunnen verkopen. Het is zijn goed recht om daartegen te protesteren. Gelukkig dient de publieke ruimte niet alleen maar commerciële belangen, al bewegen we in Nederland misschien wel steeds meer in die richting. Ik zie het publieke domein toch vooral als politieke ruimte, een plek waar we elkaar, met al onze verschillende meningen, kunnen ontmoeten. Het kan niet zo zijn dat een ondernemer die ruimte als zijn bezit gaat beschouwen.”

Had je die reactie wel verwacht?

“De reactie van de ondernemers rond de Neude was een interessante toevalligheid. Ze stelden bijvoorbeeld dat hun terraspersoneel die week niets te doen had. Ik stelde daar tegenover dat er die week wel tien bouwvakkers met een niet westerse achtergrond aan het werk waren. Heeft de één meer recht op werk dan de ander, vroeg ik ze. Het kunstwerk ging over veronderstelde zeggenschap, over een toekomst waarin wij in het Westen niet meer de enige zijn die aan het roer staan. Wat dat betreft sloten de aannames die de terrashouders deden perfect aan.“

Je wist wel dat er een reactie zou komen van het publiek?

“We hebben het er vooraf wel over gehad dat mensen geïrriteerd zouden raken wanneer ze daadwerkelijk zouden geloven dat er een permanent monument werd gebouwd, zonder de stad eerst om haar mening te vragen. Maar precies over dat gevoel van onmacht wilden we het hebben, er zijn genoeg mensen in de wereld die geen zeggenschap hebben over de loop der dingen. Dat 11.000 mensen het werk zouden bezoeken had ik niet verwacht en daar kun je als kunstenaar alleen maar heel blij van worden. De reacties waren ook een stuk genuanceerder dan je zou verwachten op basis van wat online reaguurders schreven. Utrechters staan absoluut open voor het onbekende, zo bleek.“

Het kunstwerk moest de bouw van een monument voor het einde van de westerse hegemonie voorstellen. Dat werd uiteindelijk niet gebouwd – het ging om de discussie. Hoe reageerden mensen daarop?

“Ik kan me de reactie nog goed herinneren van een Marokkaanse vrouw die haar kinderen uitlegde dat het monument van de gevallen witte man een wereld zonder hiërarchie uitbeeldde. Ik vond het wel wat tragisch, dat ik haar vervolgens moest uitleggen dat het fictief was. Sommige mensen vonden het werk vooraf te exclusief, ze waren bang dat er niemand binnen zou komen, maar juist de houten schutting bleek ervoor te zorgen dat mensen wilden zien wat er achter te zien was, alsof je even naar de toekomst keek.”

Je hebt ook allerlei dreigmails ontvangen door het onderwerp van het ‘monument’.

“Ja, dat was wel schrikken. Dat werd aangezwengeld door een bericht van Geenstijl waarop het kunstproject als een initiatief vanuit moslims werd geframed. Daarna klommen heel wat boze witte mannen in de pen. Die vonden dat ik meehielp aan ‘het graf wat het Westen aan het graven is voor zichzelf’. De heftigheid van dat soort reacties liet me zien hoe reëel het angstbeeld voor sommigen is. Misschien zijn wij helemaal niet meer het centrum van de wereld. Ook economisch niet. Dat maakte ook reacties los van behoorlijk populistische of rechts-radicale initiatieven. Overigens werd er behoorlijk wat gepubliceerd dat niet klopte. Een Italiaanse krant dacht bijvoorbeeld dat het monument er echt zou komen. Het is verder niet mijn taak om te vertellen wat het wel of niet echt is. Het is de ontregeling waarin ik geïnteresseerd ben. Het twijfelen over de al dan niet écht gevallen witte man vind ik ook wel komisch eigenlijk.”

Hoe ervaar je die dreigmails?

“Die neem ik verder niet heel persoonlijk. De dreigmail is aan inflatie onderhevig. Hoe heftig ze soms ook is verwoord, het is tegenwoordig de overtreffende trap van een boze tweet.”

Je hebt vaker kunstwerken gemaakt die veel reacties opriep. Heb je deze dreigementen al eerder meegemaakt?

“Er zijn wel vergelijkbare werken van mij waarbij dat ook aan de hand was. Soms schieten mensen in de verontwaardiging, omdat ze zich een moment onzeker voelen door wat ze zien. Een oplossing kan dan zijn om een dader te zoeken die die onzekerheid heeft veroorzaakt. Sommigen veranderen van mening als ze doorhebben dat het kunst is. Het hoort er misschien een beetje bij. Het laten ontstaan van de twijfel en verwarring is onderdeel van mijn werk. Daardoor komt veel naar boven van hoe we denken. Het gaat me erom dat je zicht krijgt op je automatische piloot.”

In oktober van dit jaar kwam je samen met andere kunstenaars met een Code Radicaliteit. Daarin stel je dat Utrecht nog radicaler, vernieuwender en meer agenderend kan zijn op het gebied van kunst. Waarom vind je die boodschap belangrijk?

“Als kunstenaar word je door fondsen en overheden geconfronteerd met allerhande wensen, vragen en eisen. Niet zelden wordt de kunst als een soort duizend-dingen-doekje ingezet om oplossing te bieden voor allerhande maatschappelijke misstanden. Het is voor ons belangrijk om koers te houden, om toch vooral de kunst te maken die niet automatisch tot oplossingen of succes leidt. Als je in de kunstgeschiedenis kijkt, zie je dat werken die we nu belangrijk vinden in hun eigen tijd niet bepaald beantwoordden aan een vraag of wens. Daarnaast heerst er sinds de bezuinigen van acht jaar geleden bij sommigen de angst om grote risico’s te nemen, wat kan leiden tot veraangenaming en inhoudelijke simplificatie. Met die code willen we onszelf en de gemeente scherp houden.”

Hoe is dat pleidooi ontvangen?

“Het wordt inmiddels breed gedragen in de stad. Veel instellingen gaven aan dat het praten over waarde nog wel eens het gesprek over de inhoud verdringt, dat ze bijvoorbeeld zijn gaan denken in politieke beleidstermen. En als wij zoiets zelf niet op de agenda zetten, wie dan wel? Politici zeggen niet zo snel: kom maar met meer risicovolle plannen. Het word je wel op het je hart gedrukt dat je moet denken aan je marketing en de breedte van je doelgroep. Laat ik vooropstellen: dat kan hele goede en mooie werken opleveren, maar kunst is vaak beter in staat tot het creëren van interessante problemen dan in het oplossen ervan.”

Waar staat Utrecht op het gebied van agenderende kunst?

“Ik denk dat dat denken in succes en maatschappelijke waarde een landelijke ontwikkeling is. Maar ik zat laatst tegenover twee studentes die naar Rotterdam gingen in de trein. Die zeiden dat er zo weinig spannende kunst in Utrecht was. Dan vraag ik me af hoe dat komt. Ik denk niet door de demografie, de stad barst van de jonge cultureel geïnteresseerde mensen. Als het al zo is dat die studentes gelijk hadden, moeten we dat dan maar accepteren? Je hoort wel vaker dat Utrecht de stad van de consensus is. Ik weet niet of dat per definitie verkeerd is, maar laten we daar samen over nadenken. Daarom hebben we een steen in de vijver gegooid.”

Het is ‘een por in de zij om te midden van alle vragen, wensen en eisen toch vooral de kunst te maken en te tonen waar nog niemand om heeft gevraagd’. Moet alle kunst een por in de zij zijn?

“Nee, zeker niet. Abstracte schilderkunst kan net zo goed op het moment van creatie overbodig lijken, en zich pas na twintig jaar bewijzen. Waar het om gaat is dat we zuiver op de graat blijven. Dat we een oor dicht doen wanneer ons wordt ingefluisterd wat we eigenlijk zouden moeten maken of tonen. En als iemand ons dan zo nodig als linkse hobbyist wil verslijten dan moet hij dat maar vooral doen. Een zekere onverstoorbaarheid is van belang. Als de kunst ontstaat via het ‘u vraagt, wij draaien’-model, maakt ze zichzelf overbodig.”

Een por in de zij, die geef jij wel vaker. Ben jij dan zuiver genoeg?

“Dat is wel mijn doel, maar het is een continue oefening. Ik hoop grote groepen mensen te laten twijfelen over hoe we de wereld hebben vormgegeven. Door subtiele ontregeling in de publieke ruimte. Daar waar je het niet verwacht. Ik heb de afgelopen jaren ook genoeg onzuivere beslissingen genomen, beslissingen die misschien wel de aandacht versterkten, maar een werk niet direct ten goede kwamen. Zo’n code is een dankbaar kompas, ook voor mezelf.”

Dus we kunnen weer ontregeling verwachten in het komende jaar?

“Laat ik daar nog maar even niets over vertellen. Verwarring ontstaat wanneer je haar niet verwacht. Wat dat betreft zijn Utrechters gezegend dat we de meeste werken eerst in Utrecht presenteren, zij zijn proefkonijn.”

Wat denk je van dit verhaal?
Het jaar van Dries Verhoeven: de maker van het veelbesproken kunstwerk op de Neude

ADVERTISING

Easy Branches Met Global Network kunt u uw post in ons netwerk delen op elk continent of elk land in de wereld

Jouw bericht